CBN advies 137-1 - Klassering van de vorderingen bij faillissement van de schuldenaar


Overeenkomstig de definities in de bijlage bij het besluit van 8 oktober 1976 geldt als criterium voor de rangschikking van een vordering onder de vorderingen op meer dan één jaar of de vorderingen op ten hoogste één jaar in de eerste plaats de termijn die in de overeenkomst werd voorzien.

De vraag is nu welke gevolgen het faillissement van een schuldenaar heeft op de klassering in de boekhouding van de schuldeiser van zijn vorderingen op meer dan één jaar op de gefailleerde.

Voor een antwoord op deze vraag heeft de Commissie gemeend te moeten verwijzen naar artikel 450 van de Faillissementswet. Krachtens dit artikel worden de schuldvorderingen op de gefailleerde opeisbaar als gevolg van het vonnis van faillietverklaring. Gaat het om een niet vervallen schuld in hoofde van de gefailleerde, die geen interest opbrengt en waarvan de vervaldag meer dan één jaar verwijderd is, dan wordt de schuld slechts in het passief opgenomen na aftrek van de wettelijke interest. Hieruit volgt dan dat alle schuldvorderingen als gevolg van het faillissement de jure opeisbaar worden en dat de vorderingen op termijn omgevormd worden in dadelijk opvraagbare vorderingen.

Naar het oordeel van de Commissie moet deze belangrijke wijziging in de termijn van opeisbaarheid in de boekhouding en in de jaarrekening van de schuldeiser tot uitdrukking worden gebracht via een boeking van de betrokken vorderingen onder de vorderingen op ten hoogste één jaar. Een en ander uiteraard na boeking van de door het bestuur noodzakelijk geachte waardeverminderingen.

Anderzijds is het niet uitgesloten dat de raad van bestuur van oordeel is dat, rekening houdend met de concrete omstandigheden van het geval, de afwikkeling van de faillissementsprocedure een lange tijd zal aanslepen en dat de vorderingen, ook deze die oorspronkelijk op ten hoogste één jaar luidden, slechts na lange tijd geheel of gedeeltelijk recupereerbaar zullen zijn. In dat geval lijkt het aangewezen een passende commentaar op te nemen in de toelichting.

Bron : Bulletin CBN, nr. 10, april 1983, p. 21