CBN advies 134-1 - Verwerking in de boekhouding en de jaarrekening van de belastingbesparing ingevoerd door het K.B. nr. 16 van 9 maart 1982


Overeenkomstig artikel 8 van het koninklijk besluit nr. 16 van 9 maart 1982 tot wijziging van het Wetboek van de Inkomstenbelastingen moet de belastingbesparing die de vennootschappen voor het aanslagjaar 1983 verwezenlijken ingevolge de vermindering van het tarief van de vennootschapsbelasting van 48 % tot 45 %, op een afzonderlijke rekening van het passief van de balans geboekt zijn en blijven. De besparing mag op generlei wijze worden uitgekeerd, noch aan de aandeelhouders of vennoten, noch aan de beheerders en daarmee gelijkgestelden of de personeelsleden van de vennootschap.

Ondervraagd over de wijze waarop de belastingbesparing moet worden geboekt heeft de Commissie geoordeeld dat in de interne boekhouding het bedrag van de belastingbesparing via de rekening 691 «Dotatie aan de reserves» naar de passiefrekening 121 «Niet beschikbare reserves» moet worden overgeboekt. Daarbij lijkt het aangewezen dat, overeenkomstig de wil van de wetgever om de belastingbesparing op een afzonderlijke passiefrekening geboekt te zien, bij de rekening 121 «Niet beschikbare reserves» een afzonderlijke subrekening wordt geopend en geopend blijft waarop het bedrag van de belastingbesparing wordt geboekt.

In de jaarrekening moet het bedrag van de belastingbesparing onder de passiefpost «III.B. Niet beschikbare reserves» worden opgenomen. Wordt het niet afzonderlijk onder deze post opgevoerd dan is een afzonderlijke vermelding noodzakelijk in de toelichting voor het boekjaar waarin de belastingbesparing voor het aanslagjaar 1983 wordt verwezenlijkt.

De vraag werd gesteld of deze boekingswijze eveneens geldt indien het boekjaar met verlies wordt afgesloten of met een winst die kleiner is dan het bedrag van de belastingbesparing die voortvloeit uit de vermindering van het tarief van de vennootschapsbelasting tot 45 %. Dit kan gebeuren indien er een verschil bestaat tussen de belastbare basis en het boekhoudkundig resultaat, bij voorbeeld ten gevolge van de fiscale niet-aftrekbaarheid van bepaalde kosten.

De Commissie is de mening toegedaan dat omwille van het uitdrukkelijk karakter van de betrokken wetsbepaling ook in dit geval de overboeking moet gebeuren. Dit veronderstelt dan een afname van de tijdens het vorige boekjaar overgedragen winst of van een reserve of een overdracht van een verlies naar het volgende boekjaar. Hierbij kan worden onderstreept dat de toestand dezelfde zou zijn geweest indien er geen vermindering van het tarief van de vennootschapsbelasting zou zijn geweest.

Bron : Bulletin CBN, nr. 10, april 1983, p. 16