CBN advies 125-2 Bis - Aanrekening van de subsidie


In haar advies 125/2 (Bulletin nr. 7, juni 1980, blz. 7) heeft de Commissie erop gewezen dat de aanrekening van een kapitaalsubsidie op het resultaat parallel moet lopen met het tempo der afschrijvingen van de vaste activa voor de verwerving waarvan de subsidie werd bekomen. Daarbij werd door de Commissie in de eerste plaats het geval beoogd waarin de aanrekening van de subsidie langer in de tijd zou worden gespreid dan de boeking der afschrijvingen op de gesubsidieerde activa.

Ook het omgekeerde kan zich voordoen. Zo werd aan de Commissie gevraagd of het in het licht van de boekhoudreglementering aanvaardbaar zou zijn dat een onderneming een kapitaalsubsidie onmiddellijk en integraal als opbrengst zou boeken terwijl de afschrijving van de investering waarvoor de subsidie werd verkregen zou worden gespreid over het lopende boekjaar en verschillende verdere boekjaren.

Naar het oordeel van de Commissie is het noch bedrijfseconomisch, noch vanuit het standpunt van het subsidiëringsbeleid van de overheid, verantwoord de aanrekening van een kapitaalsubsidie los te zien van de ten lasteneming van de gesubsidieerde investering in de resultatenrekening via afschrijvingen. Bedrijfseconomisch is dit niet verantwoord vermits door het onmiddellijk en integraal als opbrengst boeken van de subsidie het resultaat van één boekjaar wordt begunstigd ten nadele van volgende boekjaren waarin de afschrijvingskost onverminderd op het resultaat zal drukken. Vanuit het standpunt van het subsidiëringsbeleid van de overheid is er ook een bezwaar vermits dit beleid er juist toe strekt de bedrijfskosten van de ondernemingen te verminderen en niet om hun een onmiddellijke opbrengst te verschaffen.

Het als opbrengst boeken van ontvangen kapitaalsubsidies moet derhalve parallel verlopen met het tempo van de ten lasteneming der gesubsidieerde investeringen via afschrijvingen.

Bron : Bulletin CBN, nr. 9, december 1981, p. 11